Verjaring van een vordering op een borg

Financiers bedingen vaak zekerheden om hun risico´s te beperken. Een populaire vorm is de borgtocht (artikel 7:850 BW). Als een geldlener dan niet aan de betalingsverplichtingen voldoet, kan de financier verhaal nemen op degene die zich borg heeft gesteld.

 

Wat nog wel eens wordt vergeten, is dat ook een vordering op een borg kan verjaren. Op grond van artikel 3:307 BW verjaart de vordering vijf jaar nadat deze opeisbaar is geworden (artikel 7:855 BW). Wanneer een vordering opeisbaar wordt, hangt af van de omstandigheden van het geval.

 

In een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden ging het om de vraag wanneer die verjaringstermijn was gaan lopen en of de vordering op de borg inmiddels was verjaard.

 

In die zaak had een financier € 120.000,– tegen een rente van 10% uitgeleend aan X. Een derde had zich borg gesteld. Uit de geldleningsovereenkomst blijkt dat X voor het eerst op 28 februari 2005 ten minste € 1.666,66 per maand moest betalen. De lening moest uiterlijk 31 januari 2011 zijn afgelost en vervroegd aflossen was toegestaan.

 

De eerste termijn werd niet volledig en ook niet tijdig betaald. Ingevolge artikel 5 van de geldleningsovereenkomst was daarmee de hoofdsom plus rente direct opeisbaar. Dit betekent dat de verjaringstermijn ten aanzien van de vordering op de borg per 1 maart 2005 is gaan lopen. De financier heeft de borg toen niet aangesproken en ook niet toen X zelfs helemaal stopte met de maandelijkse aflossingen en alleen nog rente betaalde.

 

Pas in 2014, toen X inmiddels failliet was en de curator had verklaard dat er geen uitkering te verwachten viel, sprak de financier de borg aan. De restantvordering bedroeg € 55.000,–. Zowel de rechtbank als het hof kwamen tot dezelfde conclusie: De financier heeft te lang stilgezeten en de vordering op de borg was inmiddels verjaard.

 

Houd goed in de gaten wanneer een vordering opeisbaar wordt want dit heeft consequenties voor de borgtocht. Hebt u vragen over zekerheden, neemt u dan contact op met Koster c.s. Advocaten.